Martelaren van Marokko

1937

Encyclopedic entry

 


Martelaren van Marokko

1937[1]


(Marokko, D) Martelaren van Marokko, Heiligen, Minderbroeders. In 1219 zond de H. Franciscus vijf zijner eerste Broeders naar Marokko, waarheen hij zelf had willen gaan, doch hetgeen ziekte hem belette.[2] Het waren de H. Berardus en zijn gezellen Petrus, Accursius, Otto en Adjutus. Eerst predikten zij voor de Mooren in Sevilla en gingen toen naar Marokko. Verdreven, maar weer teruggekeerd, werden zij in 1220 gemarteld. Men geeselde hen, goot azijn en kokende olie in hun wonden, waarna de sultan hen 16 Jan. 1220 zelf onthoofdde. Zij zijn de eerste martelaren der Orde. De overbrenging van hun lichamen was aanleiding voor den H. Antonius van Padua, naar de Orde der Minderbroeders over te gaan om ook martelaar te worden. Zij werden 1481 heilig verklaard. In 1933 werden zij Patronen van het apost. vicariaat van Rabat.

Een tweede groep Minderbroeders, de H. Daniel van Belvedere met zes gezellen, stierven 10 Oct. 1227 den marteldood te Ceuta in Marokko en werden in 1516 heilig verklaard. [267]

De feesten dezer martelaren worden gevierd op hun sterfdag: 16 Jan. en 10 October.

Lit.: Quellenbericht über die marokkan. Martyrer, in Analecta Francisc. (III 1897).

Brandsma


  1. Published in: De Katholieke Encyclopaedie, Vol. XVII., c. 266-267. The NCI preserves the printer’s proof.
  2. In the printer’s proof the text ‘maar wegens ziekte niet kon’ is corrected by an editor to: ‘doch hetgeen ziekte hem belette’.

© Nederlandse Provincie Karmelieten.

Published: Titus Brandsma Instituut 2020